Tag Archives: Appelscha

Pret

Pret

‘Nog een keer! Nog een keer!’
Een hele club kinderen schreeuwt de man toe die in het hokje de Super Nova bediend. Ze zijn net hoog in de lucht alle kanten opgezwiept. Ik kan de zwevende bank niet langer dan een paar tellen volgen zonder misselijk te worden, maar een gejuich gaat op als de golf waarop ze surfen na een korte stilstand een toegift geeft.
Als ze dan uiteindelijk toch echt stil staan, stormt de club inclusief mijn dochter en vriendin de attractie uit. Het spul rent met wapperende haren en schaterende lach over de stoep en binnen een paar tellen hoor ik het kletterende plaatwerk waar de attractie op staat weer onder hun voeten. Ze sluiten aan in de rij en halen het om gelijk weer een rondje mee te kunnen.

Dit is hoe kinderpret  moet zijn. Dit uitgelatene, je stem durven gebruiken, de beweging van het rennen, het samen lachen, de zon en je moeder die lachend van beneden naar je zwaait. Dit gun ik ieder kind.
Ik ben de man achter de knoppen dankbaar. Hij zet ze stil boven in de lucht en laat ze de bewegingen vervolgens kiezen. Wat speelt hij mee met ze. Hij geeft ze een spel  en een fantastische pretparkherinnering.

Ik zelf kom in de clinch met mijn innerlijk kind. Of beter gezegd met mijn maag. Ik heb zojuist met dochterlief in de vlindertjes gezeten en dat duurde net 3 rondjes te lang. In het spookhuis lach ik net te hard om mijn angsten te verbloemen en in de Rollercoaster houd ik de stang voor mij net te verkrampt vast, terwijl die daredevil van mij de hele rit haar armen in de lucht steekt. Wel schreeuwen we allebei even hard van de pret! De liefde van dit samen meemaken als een aureool om ons heen. Allebei zo trots op elkaars lef. Blonde haren die achter onze ruggen  in elkaar verward raken.

We zwerven over het park. We eten patat en een waterijsje. Ik zie haar de trap van de hoge glijbaan opgaan en na even gewacht te hebben bij de trampolines vol ongeduld door rennen naar de volgende attractie. We winnen een knuffel met de muntenschuiver. Waardeloos spul deze geldmachines, maar het kan mij vandaag aan mijn reet roesten. Ik zet mijn kont weer op de bank voor de Super Nova en zwaai mijn arm uit de kom.
Haar blije gezicht in mij opnemend  als een innige omarming met de pret.