Thuis

Thuis

­­Met hun kontveren tussen het graan gedrukt. De kop sierlijk naar achter tussen het verendek. Vader en moeder zwaan maken zich niet druk op hun vaste plek aan de slootkant met achter hen de akker. De jongen op de helling en eentje in het water. De kalmte van de ochtend is nog over hen. Ook wel sneu voor de jongen. Als ze eens stoer willen doen, verraadt hun grijze dons dat het stiekem nog ukken zijn en is het zo of lijkt het alleen, dat hun halzen nog lichtelijk onvast door de lucht zwiepen.
Meer tijd heb ik niet om ze te observeren. Eva Luna juicht dat ik alle witte bloemen moet zien. De aardappelvelden staan in bloei. En nog mooier er rijdt een trekker aan het eind van het land. En op de snelweg daar weer achter een vrachtwagen.
Ik laat haar achter op de opvangboerderij. Ze staat te zwaaien achter het raam en we werpen elkaar kushandjes toe. Doordat ik achterom blijf kijken naar mijn lieverd, struikel ik over de glijbaan en ik zie haar lachen. Schenen wrijvend en met een gelukzalig gevoel stap ik in de auto.

Op de weg terug zie ik weer de familie Zwaan. Volgens mij zijn het al jaren dezelfde zwanen die hier nestelen. Liefde maakt van je huis je thuis. Zou de Karel Doormanweg hun thuis zijn?
De spreuk staat thuis op mijn deur. Mijn huis is mijn thuis. Niet alleen door de liefde, maar ook zeker door de bloemen.
Vanaf het vroege voorjaar wisselen de bloemen in mijn tuin zich af. Beginnend bij de maagdenpalm en de voorjaarsbolletjes. Vervolgens zie ik dat de blauw paarse bloemen van de iris veranderen in grote zaaddozen en dat ze de ramblers met honderden kleine roosjes op de pergola welkom heten. De klaprozen en papavers geven het stokje door aan de stokrozen en de net ontluikende roze zonnehoeden zullen op hun buurt de acanthussen en de halmen van de lampepoetsers begroeten. Boeketjes met vrouwenmantel, ijzerhard, stengels met witte klokjes, blauwe distel bollen, margrieten, rode aren van de duizendknoop en schoenlapperblad sieren de huiskamer terwijl de anemonen de voortuin kleur geven. Helaas heb ik geen tuin met vele vierkante meters vol bloeiende borders, maar er staat genoeg moois in.
Eva Luna heeft wonderlijk genoeg begrepen welke bloemen ze mag plukken zonder dat ik het daar met haar over heb gehad. Madeliefjes uit het gras, kleine klaproosjes, viooltjes die tussen de stenen opkomen. Ze plukt dagelijks wat nieuws voor in haar vaasje op het blauwe kastje. Ook de paardebloem is geliefd. Ze duimt niet zoals ik vroeger wel deed, dat zal het verschil zijn. Ik proef nog de bittere witte melk uit de stengels.

Jaren terug reed ik met mijn oma door de polder. Ze was dementerend. We bekeken de tulpenvelden, maar na elke afslag had ze vooral oog voor de nieuwe bermen vol paardebloemen. Na elke afslag kreeg ik het verhaal te horen dat ze die vroeger op weg naar de lagere school in Oud Lutten, hondekoppen noemden. Ook sprak ze steeds over de mooie wolken. Of noemde ze die nu hondekoppen?
In mijn pubertijd heeft ze me wel eens verteld dat ze ook altijd bermbloemen plukte, net zoals ik dat toen veel deed.
Steeds denk ik, ik moet dat eens nagaan, hoe dat zat met die hondekoppen. Maar ik vergeet het. Het toeren tussen de velden, de liefde door de dag heen, is blijven hangen.
Thuis voelend bij elkaar.

One Response »

  1. En ja google is gewillig. Naast alle treinstellen met hondekop kom ik tegen dat in Drenthe de paardebloem ook wel hondekop wordt genoemd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *